Het begint allemaal met deze ne vraag, waarom ga ik nu kweken? De mens is altijd al gefascineerd geweest door het creren van leven. Het geeft een gevoel van voldoening om die kleine kronkelende roze wormpjes (want zo zien ze er ook een beetje uit) groot te zien worden en te zien uitgroeien tot volwaardige deugnieten, fretjes dus.

Helaas is het een taak met heel wat gevaren en risico’s (1). Om nog niet te spreken van de tijd en energie (2) die erin kruipt, en het geld dat dit alles kost (3).

(1)  Het begint in het beste geval al met een steriele dracht, op zich niet zo erg, maar toch heel belastend voor het moederdier. Complicaties tijdens zwangerschap en/of bevalling zijn eveneens niet ondenkbaar. Je moet er dus rekening mee houden dat je je moertje en/of pups kan verliezen.

(2)  In het begin valt het allemaal nog mee, want moeder fret zorgt voor de netheid binnen het nest en geeft de kleinsten alles wat ze nodig hebben, maar eens de jongsten de nest gaan verlaten (rond vier weken), doen ze ook hun behoefte overal en tasten ze alles af met de tanden. Tijd dus voor een intensieve zindelijkheidstraining en opvoeding. Vanaf dan kruipen er al gemakkelijk 2 3 uren werk per dag in het verzorgings- en opvoedingswerk.

(3)  Een verantwoordelijke kweker zal het beste aan zijn nestje geven, zowel wat betreft voeding als wat betreft huisvesting en produkten. Ook die eerste inenting reeds geven, hoort tot de taak van een goede kweker. Je mag je dus verwachten aan een aantal kosten die nog moeilijk volledig kunnen gerecupereerd worden. Het zoeken van een geschikt thuis loopt trouwens ook niet altijd van een leien dakje.

Tegenover al deze waarschuwingen staat dat ne positieve, maar o zo belangrijke voordeel. Het scheppen van leven, de liefde van de fretjes, de lach die ze je schenken als ze een frats uithalen of een duikeling maken.

Om verantwoord te gaan kweken, moet je al starten bij de ouderdieren.

  • Kies rammetje en moertje die in bloedlijn totaal niets met elkaar te maken hebben.
  • Zorg ervoor dat deze twee fretten in zeer goede conditie vertoeven (zie hoofdstuk "gezondheid").
  • De beide fretjes moeten qua grootte ook op elkaar afgestemd zijn, zodat de overmacht van het rammetje niet te groot is en anderzijds, het moertje niet te krachtig voor het rammetje is. Grootte speelt hierin een belangrijke rol.
  • Beide fretjes moeten geslachtsrijp zijn (minstens 14 dagen) en mogen niet ouder zijn dan 4 jaar.
  • Ook karaktertrekjes zijn erfelijk van de ouderdieren, zorg dus dat zowel moertje als rammetje zeer brave en opgevoede fretjes zijn.
  • Fretjes reageren fotoperiodicitair, dat betekent dat hun hormonenklok reageert op het korten en lengen v/d dagen en op de temperatuurverschillen. Het is dus een pluspunt wanneer fretjes gedeeltelijk onderhevig zijn aan deze verschillen en niet teveel worden benvloed door kunstmatig licht en warmte.

Beide fretjes moeten op een hoogwaardige frettenvoeding staan (zie hoofdstuk "voeding")

Download hier de gedetailleerde volgfiche.

Wanneer aan voorgaande punten is voldaan, dan heb je geschikte ouderdieren. De eerste stap naar een succesvolle kweek is gezet. Maar de weg is nog lang en hobbelig. Want ook al zijn de toekomstige mama en papa van de kleinsten in perfecte conditie, wanneer zijn ze er nu ook klaar voor? Geslachtsrijpheid is natuurlijk ook van belang.

Eens komt er een moment dat het moertje van een puber, plots een vruchtbaar jong vrouwtje wordt en dus de geslachtsrijpheid bereikt. Je kan dat merken aan een sterkere geur, die veroorzaakt wordt door aanmaak van meer huidvet, gecombineerd met het droppen van urinedruppels (om aan de rammetjes kenbaar te maken dat ze er klaar voor is). Ook worden de moertjes dan wat kregelig en durven ze al eens wat sneller hun tandjes te gebruiken. Ze gaan de soortgenootjes (en bij gebrek hieraan, het baasje of bazinnetje) bemoederen, verzorgen, en rondslepen, tot groot ongenoegen soms van de anderen. Deze overgang is het beste te herkennen aan het lichamelijke verschil, het opzwellen van de schaamlipjes, die de omvang krijgen van een “roze” koffieboon.

rammetje.gif (1567 bytes)

Ook de jongens komen ooit tot de jaren van vruchtbaarheid en dat laten ze niet ongemerkt voorbij gaan. Ze gaan regelmatig een duel aan met de mannelijke soortgenootjes, omwille van hun territoriumdriften (rammetjes die altijd bij elkaar gehouden werden slaan deze rivaliteit soms over). Ze markeren heel het huis met “reukvlaggen”, oftewel urinedruppels en de huidvet productie neemt behoorlijk toe. Net als bij het moertje, zijn de uiterlijke kenmerken het beste merkbaar. De teelballetjes dalen uit de zaadleiders en worden zeer goed voelbaar. Wees er wel zeker van dat beide teelballetjes zijn uitgedaald. Wanneer de ouderdieren geslachtsrijp zijn, wacht men best nog een tweetal weken, zodat de hormonenproductie op volle toeren draait. Het lichaam is dan aangepast aan de nieuwe situatie en de drift (lees goesting) zal ook groter zijn. Beide dieren zijn nu klaar om te gaan paren.

voorbereidingen.gif (1751 bytes)

Om de paring zelf in goede banen te leiden, gaan we op voorhand al wat dingen doen. Laat de paring plaats vinden op het thuisfront van het moertje, laat het rammetje dus op verplaatsing spelen. Zet beide fretjes 3 4 dagen op voorhand nog eens in bad, knip de nageltjes en reinig de oortjes.

De reden hiervoor is vrij logisch. Zo zijn ze redelijk rein, maar hebben toch al hun eigen lijfgeur terug. De nageltjes knippen we, omdat de paring soms wel hevig kan verlopen en beide fretjes elkaar niet zouden verwonden. De plaats van het gebeuren is ook belangrijk. Een grote kooi (1m) met enkel een benedenverdieping zonder traliewerk op de bodem (beter is een plastic bak) en zonder scherpe hoeken, is ideaal. Reinig deze met Dettol ter ontsmetting en spoel goed na met klaar water. Laat frettenbak, eten en drinken eruit.

Plaats de kooi in een rustige omgeving (weg van de TV, radio, deurbel) en zorg dat tocht geen kans krijgt. Ziehier het ideale liefdesbed voor de beide fretjes.

Wanneer? Zorg inderdaad dat je een aantal uurtjes de tijd hebt om de paring te volgen. Want beide lovers kunnen het gemakkelijk een drietal uurtjes volhouden. Ongeveer 24 uren later moet je eveneens zo’n periode kunnen vrijmaken. Hou je aan dit schema, want als je het korter op elkaar laat volgen, zijn beide dieren niet goed uitgerust. Als je langer wacht, heb je kans dat er pups op verschillende dagen geboren worden, wat voor de nodige verzwakking en stress (en de daaraan gekoppelde noodlottige gevolgen) bij het moertje zal zorgen.

Hoe? Plaats eerst het moertje in de kooi, zodat zij het terrein kan verkennen, en zich wat meer op haar gemak kan voelen. Na een tiental minuten zet je ook het rammetje erbij. Het rammetje zal vrij snel het moertje bij de nek grijpen en haar alle kanten van de kooi laten zien. Hij paradeert werkelijk met zijn verovering door de ganse kooi. Zonder haar echter echt pijn te doen, want als de paring gedaan is, zie je raar of zelden een wonde.

Het moertje zal soms luid kekkerend protesteren, terwijl het rammetje genoeglijk loopt te mokken. Pas als het moertje zich volledig laat gaan en elke spier ontspannen houdt, zal het rammetje zijn penisbeentje kunnen inbrengen, tot dan zal elke poging van hem mislukken. Aan het penisbeentje zit een klein weerhaakje, waarmee hij zich vastzet in de vagina van het moertje. Het is trouwens dit weerhaakje waarmee een rammetje zich kan bezeren als hij ergens afspringt en blijft hangen.

Wanneer het rammetje het moertje heeft kunnen dekken, lost hij en gaan beide fretjes uitgeput op zoek naar water en eten. Nu is het moment gekomen om beide fretjes terug in de eigen kooi te plaatsen en ze te laten rusten. Er volgt na de eerste dekking, nog een tweede, 24 uur later.

Het rammetje heeft zijn werk gedaan en verdwijnt van het toneel. We gaan ons dus verder viseren op het moertje.

We gaan het verder verloop even bekijken via een tijdsindeling.
Dag 0, het nieuwe leven werd geschapen, weliswaar wel nog in het buikje van het moertje, maar het is er. Wanneer we het moertje voordien een goede voeding gaven, hoeft een bijvoeding niet noodzakelijk. Zoniet, surf dan even tot bij ons hoofdstuk "voeding", en lees. Een pluche speeltje om te bemoederen, zal het moertje vanaf heden helpen, om haar toekomstige taken te oefenen.

Plaats haar in haar gewone kooi en behandel haar net zoals tevoren, met liefde en vriendschap. Haal haar zo veel mogelijk aan, want hoe beter je band is met het moertje, des te sneller mag je later aan de pups komen en des te sneller kan je de pups handtam krijgen.

De eerste dag na de paring, zal het moertje even wat meer slapen dan gewoonlijk. Op zich is dat wel begrijpelijk, want zes uren erotiek zijn uitermate vermoeiend. Gedurende de eerste week zal het bekende roze koffieboontje verschrompelen, om na de tweede week volledig te zijn verdwenen.

Gedurende de derde week begint het moertje ook te verharen, zodat de kleinsten binnen vijf weken zich kunnen vleien tegen een nieuwe deken van mama. Een dagelijkse voorzichtige borstelbeurt voorkomt haarballetjes die het maag- en darmstelsel kunnen blokkeren en bevordert de band tussen de eigenaar en het moedertje.

Op de vierde week van de zwangerschap gaan we het moertje al eens elke dag in het moederverblijf plaatsen, zodat ze hieraan goed kan wennen en vlak voor de bevalling niet in een totaal vreemde situatie terecht komt.

De laatste zeven dagen zal het moertje nog hele plukken haar verliezen. Laat haar tijdens de laatste week ook in de moederkooi verblijven, zodat ze volledig ingeburgerd is tegen de bevalling.

Download hier de gedetailleerde volgfiche.

Aijaj, paniek in het huishouden, want ons moertje doet zo onrustig, is constant bezig een nest te maken en draait en keert naar vier kanten tegelijk !!! Geen zorg, het moertje voelt dat de kleintjes gaan komen en bereidt zich voor op haar moedertaak. Het is nu van belang dat ze in alle rust kan baren. Neem het pluche speeltje weg en verwijder alles wat haar kan storen, zoals TV afzetten, teveel licht voorkomen, enz.. Hoe rustiger ze de pups op de wereld kan zetten, hoe minder stress ze heeft en hoe kleiner de kans is op complicaties.

Vanaf nu kan het nog wel enkele uren duren vooraleer het laatste pupje eruit komt. Dus ga niet te snel kijken, beter nog, wacht tot de volgende morgen om je nieuwsgierigheid bot te vieren.

Je zal merken dat het moertje de pups op een blote ondergrond werpt of legt. Waarom? Ikzelf denk dat het een soort van test is, om te kijken of het kleintje wel reageert en dus levensvatbaar is. Later zal ze de kleine drommel wel weer in de nest leggen.

Als er volgens het moertje een probleem is met n van de pups, of als ze denkt dat ze niet alle pups zonder problemen zal kunnen groot brengen, zal ze zelf selecteren en er n of meerdere langs de kant leggen en negeren. Als liefhebber van je huisdier respecteer je best het oordeel van het moertje en laat dus de natuur haar gang gaan. Neem wel de dode pups niet direct weg, maar wacht enkele uren (5).

De kans is groot, dat als het moertje het veilig genoeg vindt, ze de dode pups gedeeltelijk zal opeten, om zo een deel van de verloren gegane energie terug te recupereren. Zo staat ze sterker om de anderen succesvol groot te brengen.

volgende pagina